Calcule > zelfstandig

Artikelen gelabeld: zelfstandig

Belastingaangifte 2019

Dien je zelf online jouw aangifte in, doe je dit ten laatste medio juli 2019.
Enkel bij uitzondering kun je nog op papier indienen. Dit doe je ten laatste 30 juni 2019.

 

Doe je beroep op een boekhouder, heb je tijd tot einde oktober.

Om de indiening vlotter te laten verlopen, bezorg je volgende stukken;
Vind je niet onmiddellijk alles? Veel fiches staan automatisch al in tax-on-web en hoef je niet meer te zoeken. Neem zeker contact op bij twijfel.
Hierbij geven we nog eens een opsomming van de vaakst voorkomende stukken die nog moeten bezorgd worden.

 

Praktisch:
  • Elektronische volmacht (éénmalig):
  • We maken dit samen op met jouw identiteitskaart én PIN-code (en deze van jouw partner);
  • Als het kan, breng dan ook jouw aanslagbiljet van het vorige jaar mee.
Algemene gegevens:
  • Alle gegevens over het gezin: burgerlijke staat, naam en geboortedatum van de personen ten laste;
  • Nodige attesten wanneer personen in het gezin een handicap hebben;
  • Is er een inwonende (gepensioneerde) ouder?
  • Het kadastraal inkomen van alle gebouwen en gronden die u bezit, evt met vermelding huuropbrengsten; ook deze in het buitenland!
  • Gegevens van levensverzekeringen of rekeningen in het buitenland;
    • Gelieve uitdrukkelijk te vermelden dat er wel/geen constructies in het buitenland zijn. Hierop zal door de fiscus gerichte controles gebeuren!
  • Het rekeningnummer waarop een evt. teruggave mag gestort worden.
Inkomen:
  • Fiches 281.50 voor vergoedingen;
  • Ontving je een werkloosheidsuitkering via de vakbond? Vermeld dan ook of je een syndicale premie mocht ontvangen;
  • Vermelding van uitkering schuldsaldoverzekering in de voorbije 13 jaar;
  • Onderhoudsgeld adhv rekeninguittreksels. Indien naar het buitenland: aangiftes bedrijfsvoorheffing toevoegen!
Leningen:
  • Fiscale attesten van (hypothecaire) leningen;
  • Indien het eerste jaar: ook het basisattest bezorgen;
  • Indien herfinanciering: alle documenten en gegevens van de nieuwe en de oorspronkelijke lening.
Attesten belastingaftrekken of belastingvermindering:
  • Pensioensparen;
  • Werkgeversaandelen;
  • Levensverzekering;
  • Attest kinderopvang van kinderen jonger dan 12 jaar (ook sportkamp, jeugdvereniging…);
  • Attest dienstencheques;
  • Attesten van giften;
  • Contract van uitgegeven winwinlening.
Varia:
  • Inkomsten van kapitalen waarvan de aangifte voordelig zou zijn (student die roerende voorheffing op kasbon betaalde);
  • Voorafbetalingen;
  • Alle andere fiscale fiches die ontvangen werden;
  • Andere nuttige gegevens.

Werkzoekende met een bijberoep

 

Werkloos met goesting om te ondernemen

Werk zoeken en een zelfstandige activiteit uitbouwen, het blijft een combinatie die niet voor de hand ligt.

Vroeger was dit voor velen onmogelijk. Een bestaand bijberoep blijven verderzetten nadat je je in hoofdberoep opnieuw op de arbeidsmarkt smijt, was vroeger wellicht de enige manier om de combinatie te maken – zij het onder strikte voorwaarden en met toestemming van de RVA.

De mogelijkheden zijn nu iets meer uitgebreid.

 

Maak werk van je zaak

In het starterstraject “Maak werk van je zaak” blijf je werkzoekende en blijf je beschikbaar voor de arbeidsmarkt. Je hebt een concreet idee en je droomt ervan om binnen één tot anderhalf jaar te starten met je bedrijf. VDAB en Syntra stomen je ondertussen klaar voor je eigen bedrijf.

 

Springplank naar zelfstandige

Heb je reeds je diploma bedrijfsbeheer en voel je niets voor een begeleidingstraject? Jaarlijks maken zo’n tienduizend zelfstandigen in bijberoep de stap naar hoofdberoep. Goed werk wordt beloond met meer werk. Voortaan kan je als werkloze starten in bijberoep en behoud je als  “Springplank naar zelfstandige” maximaal een jaar je uitkering. Dat jaar moet je gebruiken om zelf sectorkennis op te doen. Voorwaarden zijn immers dat je deze springplank niet kunt gebruiken voor een activiteit die je in de laatste zes jaar hebt uitgeoefend in hoofdberoep en al zeker niet om anderen voor jou te laten werken als werknemer of onderaannemer.

 

Bijberoep of hoofdberoep

Waarin verschilt een zelfstandige in hoofdberoep met iemand in bijberoep?

Beiden betalen 21% sociale bijdragen aan hun sociaal verzekeringsfonds.  Zelfstandigen in hoofdberoep betalen steeds een minimum van ongeveer 725 euro per kwartaal. Vallen de resultaten een bepaald jaar tegen en verdien je minder dan ongeveer 13.300 euro dan blijf je dit minimumbedrag verschuldigd. Je bouwt er immers ook pensioenrechten mee op. In bijberoep speelt deze minimumgrens niet en krijg je steeds een afrekening op basis van het werkelijke resultaat. Zolang je onder de minimumgrens werkt zoals deze geldt voor het hoofdberoep, bouw je er ook niets mee op en betaal je dit slechts uit verplichte solidariteit.

Daarnaast zijn er een aantal vereenvoudigingen voor kleine ondernemingen. Het is niet van belang of dit gebeurt in bijberoep of in hoofdberoep – al zullen veel vereenvoudigingen vooral gesmaakt worden door iemand met een klein bijberoep.